Fiets verovert definitief het woon-werkverkeer in Vlaanderen

​Voor het eerst ooit pendelt meer dan de helft van de Vlamingen geregeld met de fiets naar het werk. Daarmee bereikt de tweewieler een symbolische mijlpaal in het Vlaamse mobiliteitslandschap. De auto blijft wel het meest gebruikte vervoermiddel, maar verliest duidelijk terrein. Tegelijk versnelt de elektrificatie van het wagenpark, met een sterke toename van elektrische bedrijfswagens. Dat blijkt uit de tiende editie van de mobiliteitsbarometer van hr-expert Acerta.

De mobiliteitsbarometer analyseert geanonimiseerde gegevens van meer dan 380.000 werknemers bij ruim 40.000 werkgevers uit de private sector. Voor het tiende jaar op rij brengt Acerta zo de pendelgewoontes van werkend België in kaart.

Figuur 1: Aandeel van vervoersmiddelen in woon-werkverkeer (2020-2025 en de evolutie daartussen), cijfers mobiliteitsbarometer Acerta

Meer dan de helft kiest voor de fiets

In Vlaanderen gebruikt vandaag 50,8 procent van de werknemers de fiets om naar het werk te gaan. Een deel daarvan combineert verschillende vervoersmiddelen, maar de algemene trend is duidelijk: de fiets is structureel ingeburgerd in het woon-werkverkeer.

Zo legt 17,6 procent van de Vlamingen het volledige traject altijd met de fiets af. Dat aandeel is in vijf jaar tijd met bijna zes procentpunt gestegen. Nog eens 31,2 procent wisselt af tussen de fiets en de auto, bijvoorbeeld afhankelijk van het weer, de agenda of de afstand. Een kleinere groep, goed voor 1,5 procent, combineert de fiets met het openbaar vervoer.

In Wallonië blijft fietsen naar het werk veel minder ingeburgerd. Daar gebruikt slechts zes procent van de werknemers af en toe de fiets voor het woon-werkverkeer. Verschillen in afstand, reliëf en infrastructuur spelen daarbij een belangrijke rol.

Figuur 2: Woon-werkverplaatsingen tussen provincies (in %) – cijfers 2025 Acerta mobiliteitsbarometerAuto blijft dominant, maar verliest exclusiviteit

Ondanks de opmars van de fiets blijft de auto het belangrijkste vervoermiddel om op het werk te geraken. In Vlaanderen gebruikt 77,1 procent van de werknemers de wagen voor (een deel van) het pendeltraject. Dat cijfer omvat zowel wie uitsluitend met de auto rijdt als wie de wagen combineert met andere vervoersmiddelen.

Het aandeel werknemers dat uitsluitend met de auto pendelt, daalt wel fors. Vandaag gaat het om 44,5 procent van de Vlamingen, een daling van 21 procent tegenover vijf jaar geleden. Steeds meer werknemers combineren de wagen met de fiets, het openbaar vervoer of thuiswerk.

Openbaar vervoer onder druk

De groei van de fiets en het blijvende gebruik van de auto gaan ten koste van het openbaar vervoer. In Vlaanderen is het aandeel van het openbaar vervoer in het woon-werkverkeer onder de zeven procent gezakt. Slechts 3,8 procent van de werknemers rekent exclusief op trein, tram of bus om naar het werk te gaan. Dat betekent een daling van bijna 19 procent tegenover vijf jaar geleden.

Die terugval staat in schril contrast met beleidsambities rond duurzame mobiliteit en wijst op structurele uitdagingen rond betrouwbaarheid, bereikbaarheid en flexibiliteit van het openbaar vervoer.

Comfort en infrastructuur maken het verschil

Volgens Acerta is de snelle opmars van de fiets geen toeval. Technologische en infrastructurele verbeteringen spelen een doorslaggevende rol. De e-bike maakt langere afstanden haalbaar, terwijl moderne fietskledij en helmen het comfort en de veiligheid verhogen. Tegelijk investeren overheden in bredere fietspaden en fietssnelwegen, waardoor fietsen aantrekkelijker en veiliger wordt.

Werkgevers versterken die trend door fietsleasing, fietsvergoedingen en flexibele mobiliteitsplannen aan te bieden. Dat heeft volgens Acerta niet alleen een mobiliteitsimpact, maar ook een positief effect op gezondheid en duurzame inzetbaarheid.

Met de beleidsfocus in 2026 op re-integratie van langdurig zieke werknemers verwacht Acerta dat bedrijven nog sterker zullen inzetten op fietsen als hefboom voor welzijn en preventie.

iguur 3: Brandstof bedrijfswagens 30 september 2020, 2024 en 2025

De taalgrens als mobiliteitsgrens

De mobiliteitsbarometer toont ook duidelijke regionale patronen. Werknemers blijken sterk geneigd om te werken in de provincie waar ze wonen. In Antwerpen, West-Vlaanderen, Limburg, Luik en Luxemburg woont meer dan 80 procent van wie er werkt ook effectief in die provincie.

Waals-Brabant vormt een uitzondering. Daar steekt een aanzienlijk deel van de werknemers de taalgrens over. Zo werkt 14,7 procent van de inwoners in Vlaams-Brabant en zelfs 18,8 procent in Brussel. Dat maakt Waals-Brabant tot een belangrijke scharnierregio in het Belgische woon-werkverkeer.

Elektrische bedrijfswagen wint snel terrein

Een andere opvallende vaststelling is de snelle elektrificatie van het bedrijfswagenpark. Het aandeel bedienden met een bedrijfswagen daalde licht van 23,7 naar 23,2 procent, maar binnen die groep is de verschuiving naar elektrisch uitgesproken.

Vandaag rijdt één op de drie bedrijfswagens volledig elektrisch. Op één jaar tijd steeg dat aandeel met maar liefst 58,1 procent. Daarmee bevestigt de mobiliteitsbarometer dat elektrificatie zich in snel tempo doorzet, ondanks economische onzekerheid en wijzigingen in fiscale regels.

Afstand blijft relatief stabiel

Tot slot blijkt dat de gemiddelde afstand tussen woonplaats en werkplek 21,2 kilometer bedraagt. In Wallonië ligt die afstand met 25,8 kilometer beduidend hoger dan in Vlaanderen, waar werknemers gemiddeld 20,8 kilometer van hun werk wonen. Die verschillen helpen verklaren waarom bepaalde mobiliteitsoplossingen regionaal sterker doorwegen dan andere.

Structurele verschuiving in mobiliteit

De cijfers van Acerta tonen geen tijdelijke trend, maar een structurele verschuiving in het Vlaamse woon-werkverkeer. De fiets is niet langer een alternatief, maar een volwaardig en voor velen vanzelfsprekend vervoermiddel. Tegelijk blijft de auto dominant, zij het in een veranderende rol, terwijl openbaar vervoer terrein verliest en elektrificatie versnelt.

Mobiliteit evolueert daarmee steeds meer naar een hybride model, waarin comfort, flexibiliteit, gezondheid en duurzaamheid samen bepalen hoe werknemers zich verplaatsen.

Cijfers en tabellen afkomstig van Acerta

Display Awareness Banner.png

Stel een vraag
aan een specialist

Heeft u vragen? Wij helpen u graag verder.

Ook interessant

Interessante bedrijven

Bekijk de socials