Samen de broer op: bezige broers Dieter en Steven Coppens over hun en hét leven

Bedrijfsbeheer

Terwijl hun neven Mathias en Staf meestal als complementair koppel in de schijnwerpers staan, timmeren broers Dieter en Steven naast elkaar aan hun eigen professionele en persoonlijke pad.

Maar terwijl elk van beiden apart zijn weg zoekt én vindt, blijft er enorm veel dat hen bindt. Twee bevlogen broers over nestwarmte en nestbevuilers, over hoe je ook als groene jongen in het rood kan gaan en hoe een pand bouwen leidt tot een band bouwen.

De praktijk primeert op de theorie: een beknopte beroepsmatige biografie

Zowel Dieter als Steven zijn tv-gezichten, maar de broers zijn ook bijzonder actief achter de schermen. Dat ‘actief’ mag je letterlijk nemen: allebei steken ze graag de handen uit de mouwen om aan een creatieve carrière te bouwen.

Als ‘grote’ broer steekt Dieter van wal met zijn verhaal: “Na een secundaire school vol klassieke vakken was het voor mij hoog tijd om het leven ‘vast te pakken’. Omwille van het hoge hands-ongehalte opteerde ik voor grafische vormgeving. Voor mijn eindwerk wilde ik mijn professionele en persoonlijke passie samenbrengen in een boek over liften. Ik heb liften altijd als een leuke en laagdrempelige manier beschouwd om via hun wagen in het leven van wildvreemden te stappen en het plan groeide om al liftend van Malaga naar de Noordkaap te trekken. Op een familiefeestje vertelde ik Mathias over mijn idee en hij wilde meteen mee. Meer nog, hij zag in het opzet niet alleen een boeiend boek maar ook beklijvende televisie. Zijn toenmalige bazen bij TMF deelden zijn enthousiasme: we kregen een vliegticket naar Malaga en een camera en het avontuur kon beginnen. Achteraf monteerden we al het beeldmateriaal zelf en zond TMF ons reisrelaas uit, zij het niet steeds in de juiste volgorde: het onbevangen opzet sloeg echter zo aan dat er een tweede reeks kwam, waarbij we deze keer al liftend van het warmste naar het koudste punt van Amerika trokken.

Mijn ‘televisiedebuut’ was dus een spannende samenloop van omstandigheden en geenszins een strak geregisseerd plan. Meer nog, de reizen stonden garant voor fantastische verhalen maar waren net wat minder geknipt om de rekeningen te betalen: écht werken deed ik voor de Vrije Pers, waar ik onder meer de opmaak van de Rolling Stoneversie van Teekmagazine voor mijn rekening nam. En toen kwam Kanaal 2 met het voorstel om de Poolreizigers te maken en vielen mijn professionele plannen in de plooi: na een professioneel programma voor een brede zender had ik vertrouwen in toekomstig televisiewerk en daarnaast wilde ik op grafisch vlak mijn eigen ei kwijt, waardoor ik als zelfstandige aan de slag ging. Het bleek de juiste keuze, want het was het startschot van een organische opeenvolging van opportuniteiten. Ik heb altijd geprobeerd om dicht bij mezelf te blijven en de laatste jaren vallen de professionele puzzelstukjes steeds beter op hun plaats: als tv-maker zit ik momenteel echt in een omgeving waar ik me als een vis in het water voel en maak ik programma’s die me op het lijf geschreven zijn.

Ook in mijn grafische bezigheden staan individuele interesses steeds vaker centraal. Door de flow te volgen en uitdagingen als een kans en niet als een probleem te zien, ben ik in een bijzonder prettig en prikkelend project gerold: aangezien ik door mijn televisiewerk niet meer te allen tijde beschikbaar ben voor externe opdrachtgevers, was er nood aan een andere aanpak. Samen met goede vriend en collega Tom Suykens hebben we Stratier boven de doopvont gehouden, een bescheiden bedrijfje dat onder meer klassieke vriendenboeken in een jeugdig jasje steekt en leuke en leerrijke woordzoekers op posterformaat maakt. De uitgeverij groeit gestaag en ik groei mee: ik word hoe langer hoe meer een enthousiaste entrepreneur, met oog voor professionele planning, timing en vakkundige vermarkting van creatieve ideeën. Al zal ik nooit de ongebreidelde ondernemer worden die Steven wel is.”

Enter de ‘benjamin’ van de familie Coppens: “Ik begon op hetzelfde klassieke college als mijn drie oudere broers, maar ik kreeg nooit de smaak te pakken van een theoretische opleiding. Van smaak gesproken: smaken waren al van kinds af een essentieel element in mijn leven en een opleiding in die sector was een zeer bewuste beslissing. Ik beweer graag met de nodige zin voor humor en relativering dat ik voor het culinaire in de wieg ben gelegd: toen mama zwanger was van mij, volgde ze een bakkersopleiding, dus die aanleg zit er echt ‘ingebakken’. Het werd PIVA in Antwerpen, waar ik eerst een bakkersopleiding en later hotelmanagement volgde. Twintig jaar geleden waren kookprogramma’s nog geen hit én waren horecaberoepen niet bepaald ‘hot’. Ik heb het altijd een heel ‘schone’ stiel gevonden, omdat je mensen bewust in de watten legt en gelukkig maakt. Al tijdens mijn opleiding begon ik met een cateringbedrijf, de ideale combinatie tussen de ‘creatieve’ kant en het contact met de klanten. Voor ik het goed en wel besefte, maakten kleine familiefeesten plaats voor enorme evenementen.

Ik vlamde met een vreselijke versnelling over mijn professionele parcours en zei op alles ja, tot mijn lichaam neen zei: op een bepaald moment liep het fameus fout en kreeg ik een stevige burn-out. Ik was wel degelijk ondernemend, maar ik was geen goede ondernemer: de burn-out was een vreselijke klap én het begin van een volgende stap. Want ondernemen moet je echt leren, en voor mij bleek de sleutel delegeren: ik verkocht mijn cateringbedrijf en begon met De Hoorn Events in Leuven, waar ik de kracht van een professioneel partnerschap echt leerde kennen. Ik trok als eindverantwoordelijke aan de touwen, maar voor het dagelijkse reilen en zeilen kon ik op een robuuste rechterhand vertrouwen: ik gaf Maarten, een jonge en gedreven medewerker, vertrouwen en verantwoordelijkheid, waardoor hij in zijn rol kon groeien en het bedrijf meegroeide. Het Hoornhoofdstuk is recent en succesvol afgesloten en momenteel concentreer ik me op een nieuwe episode in het wonderlijke wijnverhaal dat bijna twintig jaar geleden startte: samen met vennoot Joeri De Haes richtte ik twee decennia geleden NieuweWereldWijnen op, een zaak die naam en faam vergaarde in een tijd dat het nog al Frankrijk was wat de klok sloeg. Op 1 april fuseerde NWW met Artevino en die grotere groep medewerkers zorgt voor een dynamische drive en staat me toe om maatschappelijk verantwoord te ondernemen, met oog voor medewerkers, klanten én het milieu. Daarnaast geniet ik ervan om prettige projecten in Zweden en de Ardennen te runnen en maak ik tijd om mijn gezin een aanwezige vader en echtgenoot te gunnen. Sporadische ‘schermverschijningen’ op tv zorgen voor een mooie meerwaarde op mijn cv.”

Van de nood een jeugd maken

Dieter en Steven zijn de twee jongsten uit een doktersgezin met vier zonen, die allemaal zelfstandig én zelfstandige werden. Valt de appel ver van de boom of had ‘meneer doktoor’ ook een ondernemende droom?

Dieter en Steven vullen elkaar naadloos aan in het relaas over hun jeugd: “Papa was dan wel arts, hij was ook bijzonder ondernemend. Zo had hij de behoefte om zijn hoofd te laten rusten en zijn handen te laten werken. Die ambitie lag aan de basis van ons ‘Ardeense avontuur’: met het gezin hebben we volledig eigenhandig twee huizen in de Ardennen gebouwd. Opa was bouwkundig tekenaar en was de man van de plannen, maar het bouwen zelf was het werk van de vijf Coppensmannen. In die zalige zomers legden we met het fundament van de huizen ook de onwrikbare basis van onze onderlinge relaties en van ons verdere bestaan. Ook de kiemen voor ons ondernemerschap werden daar gezaaid: samen aan een huis bouwen impliceert verantwoordelijkheden nemen en vooruitdenken, eigenschappen die ook als ondernemer onontbeerlijk zijn. Onze levenslange liefde voor de natuur werd daar aangewakkerd: we vonden het heerlijk om te gaan slapen in de wetenschap dat we de volgende ochtend voor dag en dauw door papa zouden gewekt worden om bijvoorbeeld everzwijnen te gaan spotten.”

Groene jongens in het rood

Steven en Dieter hebben allebei het imago van positivo’s met een warm hart voor mens en omgeving en laatstgenoemde heeft sinds Down the Road zelfs het aura van ‘Ideale man’, wat mij een precaire positie lijkt in een allesbehalve ideale wereld. Treden zij in de voetsporen van hun vader en gaan ze actief op zoek naar een remedie?

Dieter: “Als tv-maker sta je vaak op de eerste rij, waardoor je oog in oog komt te staan met onrecht en wantoestanden. Uiteraard maakt de glimlach op mijn gezicht dan plaats voor woede en verontwaardiging en zie ik het als mijn taak om de kat de bel aan te binden. Helaas is het een evenwichtsoefening op een heel slap koord: met een ‘verkeerde’ verpakking zal een deel van het publiek ook de inhoud genadeloos afschieten. Als het nog maar iets wegheeft van met het vingertje wijzen, haken mensen af. Mijn moeilijke missie is dus om feel goodtelevisie met een hoog ‘do goodgehalte’ te maken: mensen kruipen in de zetel om zich te amuseren, maar ik probeer hen ook te informeren en te activeren. Ik doe dat bewust in een voorzichtige verpakking: als ik van de walgelijke dingen die ik zie ook walgelijke televisie zou maken, zou dat eerder contraproductief werken. Laat me duidelijk zijn: wat ik in Borneo zag tijdens de Animalitisaflevering over orang-oetangs, was wel degelijk weerzinwekkend. De plaatselijke palmolie-industrie heeft een verwoestende impact op de dieren, op de mensen en op de natuur. Daarover is al heel veel gezegd en geschreven, dus het is niet nodig om het verhaal hier nog eens uitvoerig te vertellen.

Wat ik wel merk: door subtiel te sneren, zijn mensen wel degelijk anders gaan ‘smeren’.”

Steven: “Ik moet Dieter ‘helaas’ gelijk geven. Uiteraard slaat die helaas niet op de dingen die hij in gang heeft gezet, maar wel op het feit dat de boodschapper soms doorslaggevender is dan de boodschap. Wat mij betreft zijn de Anuna’s en de Greta’s van deze wereld dé stemmen van het jaar: de boodschap kan niet puurder en belangrijker zijn dan wanneer ze door de jeugd wordt gebracht. Toch wordt er met scherp geschoten op de pianist, niet in het minst door prominente politici, die met sardonisch sarcasme het volk bespelen en zo een belangrijke boodschap begraven. De politiek is enkele decennia geleden gekaapt door het bedrijfsleven en het zijn nog steeds die kapers die aan het roer zitten, ook nu het schip water aan het maken is en onherroepelijk dreigt te zinken. Op dit moment is er nood aan een doortastende dynamiek die nu start en handelt met langetermijndoelen, niet aan getreuzel en gemorrel dat niet verder denkt dan één legislatuur. Het is onverdedigbaar dat de economie nog steeds het heden bepaalt, terwijl ecologie de sleutel voor de toekomst is. Trouwens, de twee zijn perfect verenigbaar en die wetenschap begint gelukkig door te dringen: steeds meer start-ups en kleine bedrijven nemen de handschoen op en er is op een jaar tijd wel degelijk heel wat veranderd.”

Dieter: “En nu is de consument aan zet! Voor Jan met de pet lijkt alles ver van zijn bed, maar niets is minder waar: ook multinationals leven bij de gratie van de consument en de stem van die laatste is doorslaggevend! Als we massaal weigeren om palmolie te gebruiken, zal een bedrijf als Nutella koortsachtig op zoek gaan naar een alternatief. En dat geldt net zo goed voor kleding, brandstof en tal van andere consumptiegoederen. In die optiek ben ik graag en gedreven ambassadeur van Mei Plasticvrij: het kan écht anders, maar de consument moet wel volgen!”

BV Coppens Consultancy: mannen met plannen!

Hebben de begeesterde broers nooit zin om de krachten te bundelen?

Zien we hen binnenkort samen op tv en worden zij in navolging van hun neven ook ‘broederBV’?

Of wordt er op dit moment een -uiteraard elektrische- bestelwagen beletterd en schuimen de gebroeders Coppens binnenkort als futureproof familiebedrijfje het land af?

Steven: “De vraag die jij nu stelt, is geregeld het onderwerp van een partijtje mentale pingpong. Het idee om samen een programma te maken over mensen en bedrijven die de duurzame dynamiek omarmen, pruttelt al een tijdje, maar omdat de mensen de soep niet al te heet willen eten, springen we er bedachtzaam mee om.

Daarnaast schuimen we soms samen vastgoedsites af op zoek naar prachtige plekken om mensen opnieuw écht naar de natuur te brengen: heel veel mensen leven losgekoppeld van de natuur, terwijl het diezelfde natuur is die dingen in het juiste perspectief plaatst en oplossingen aandraagt waaraan we voorbijrazen. Dieter en ik hebben lang geleden de lokale jeugdwerking van de natuurvereniging opnieuw leven in geblazen en we zijn allebei actief als natuurgids. Die heerlijke hobby zouden we allebei in een professioneler pak willen steken.”

Bedrijven adviseren om groener te werken

Dieter valt Steven bij: “Om oog te hebben voor iets, moeten je ogen natuurlijk open zijn én net dat willen wij graag faciliteren. Er zijn heel veel heerlijke huizen op prachtige plekken, maar de meeste bezoekers blijven oppervlakkige toeschouwers. Wij willen letterlijk en figuurlijk met die mensen op pad gaan en hen de rijkdom van een ongerepte omgeving tonen. Dat kan in de Ardennen, maar net zo goed vlakbij in de Kempen. Ik zie ons ook wel in de rol van adviseur, waarbij we bedrijven en ondernemingen helpen om ‘groener’ te werken: kleine veranderingen kunnen echt voor grote vooruitgang zorgen, maar de meeste ondernemers zijn behoorlijk behoudsgezind en ze zien het probleem vaak niet. Onze insteek zou zeer laagdrempelig zijn én aansluiten bij iets wat daarstraks al werd aangehaald: ons advies als consulent steunt op onze observaties als consument. We gaan dus geen peperdure plannen ontrollen, maar focussen op haalbare raad op maat. Concreet? Ik genoot deze zomer meer dan eens van een ijsje in de plaatselijke ijsjeshoeve, waar de lokale lekkernij helaas geserveerd wordt in vervuilende verpakkingen. Ik zit binnenkort samen met de eigenaars om op zoek te gaan naar een elegante en ecologische oplossing. Ook voor de afvalberg op festivals zijn onmiddellijke en gemakkelijke oplossingen. Vervang plastic wegwerpp(r)ullen door een beker die je het hele festival kan hergebruiken en die ook de jaren daarna dienst kan doen. Dat gaat niet alleen over megafestivals, maar ook om lokale initiatieven: elke gemeente zou een charter moeten ondertekenen en in de uitleendienst ook een voorraad herbruikbaar eet-en drinkmateriaal en een afdoend afwassysteem kunnen voorzien.”

Steven: “Consequent kleine stappen zetten kan een ingrijpende impact hebben. Ik rijd al jaren elektrisch en ik word al even lang verguisd om mijn Tesla: bijna elke dag kom ik mensen tegen die zeggen dat elektrisch rijden geen zin heeft en hypocriet is. De waanzinnige wetgeving -ingegeven door een gebrek aan politieke moed- is koren op de molen van de kortzichtige criticaster: uiteraard zijn er heel wat mensen die fiscaal profiteren maar zich allesbehalve ecologisch profileren. Als we echt iets willen veranderen, mogen we niet hypocriet ‘groen doen’ maar moeten we stelselmatig groen zijn. En laat Tesla daar nu een persistente pionier zijn: al hun fabrieken draaien op groene energie en zelf laad ik mijn wagen ook louter op die manier.”

Eindigen met een positieve noot: het vertrouwen in de toekomst is groot

Steven en Dieter hebben zich weliswaar van hun kritische kant laten zien, maar laat hierover geen twijfel bestaan: mijn gesprekspartners zijn happy heren die ook rotsvast geloven in een happy end.

Steven trekt de eindsprint aan: “Ik ben me er ten volle van bewust dat ik alles heb om gelukkig te zijn. In tegenstelling tot heel wat ‘lotgenoten’ kost het me ook geen moeite om die wetenschap in de praktijk om te zetten. Zin en gezin liggen voor mij heel dicht bij elkaar. Maar ik zie niet alleen mijn wereld met een roze bril, ook ‘de wereld’ baadt in een gouden gloed: het laatste jaar is er heel veel ten goede gekeerd en dit kan wel eens de start zijn van een vergaande verandering. Veel start-ups maken écht het verschil door voor een gedreven groene aanpak te kiezen.” Dieter vult de woorden van zijn broer aan: “Na jaren van bewustmaking is bij heel wat mensen de fase van bewustwording ingetreden. Bij Stratier verpakken we onze vriendenboekjes in papier in plaats van in plastic en ook de tape van onze dozen is van papier. Kleine ‘correcties’, die vroeger ongemerkt passeerden, maar nu gewaardeerd én gehonoreerd worden en een sterk selling point blijken. In de Gloria sloot vroeger af met de slagzin van Vermaelens projects: “Een kleine moeite voor Vermaelens projects, een wereld van verschil”. Dat gevoel heb ik ook echt, zowel bij Stratier als bij mijn televisiewerk: wat ik doe, doet ertoe. Dat geldt trouwens voor iedereen die positieve prikkels de wereld instuurt: we moeten ons blijven engageren om impact te realiseren. Om het toch even over Down the Road te hebben: het programma is hét bewijs dat het kan. Veel Vlamingen stelden hun idee over mensen met een beperking ingrijpend en blijvend bij en het programma won een prestigieuze impact award in London. Change? Yes, we can!”

Stel een vraag
aan een specialist

Heeft u vragen? Wij helpen u graag verder.

Ook interessant

Interessante bedrijven