leaderboard bovenkant Ilse Jaques.jpg

Panelgesprek: Vlaanderen in 2030 koploper in circulaire economie?

Bedrijfsbeheer

Bedrijven kunnen vandaag niet meer naast duurzaam en maatschappelijk verantwoord ondernemen. De Europese Green Deal stelt dat tegen 2050 de transitie naar een circulaire economie een feit moet zijn. Ondernemingen zullen verplicht worden om spaarzaam om te gaan met grondstoffen, meer te recycleren en afval zoveel mogelijk te vermijden. De Vlaamse regering heeft de ambitie om tegen 2030 in Europa de koploper in circulaire economie te zijn.

KMOinsider legde een aantal organisaties en ondernemers drie vragen voor. Moderator Edith Vervliet leidde het gesprek in goede banen.

De deelnemers aan het panelgesprek:

  • Jan Beyne, Antwerp Management School en coauteur van ‘De weg naar duurzaam ondernemen’.
  • Mathias Fahy, Möbius Business Redesign
  • Jocelijn Geurts, Axudo
  • Philip Marynissen, VITO
  • Sam Ponette, Stadshout.be.
  • Stijn Smetsers, Recycling Partners Belgium
  • Stany Vaes, Denu
  • Katrijn Vekens, Kinnarps Belux

Welke eerste stappen kan een kmo zetten om naar een winstgevend circulair businessmodel te evolueren?

Jocelijn Geurts: “Bedrijven die nog niets rond duurzaamheid of circulariteit doen, dienen eerst en vooral kennis te krijgen van het begrip. Ze vinden het vaak containerbegrippen. Als je die dan uitlegt, worden ze behapbaar. Vaak worden bedrijven geïnspireerd en gemotiveerd door concullega’s die al duurzaam ondernemen. In kleine stappen op maat van je bedrijf, kan je al snel een quick win realiseren.”

Moderator Edith Vervliet vindt kleine of grote stappen naar duurzaamheid terug in het boek van Jan Beyne en vraagt hem om daarover iets meer te vertellen.

Jan Beyne: “De eerste stap in ons boek hebben we ‘inzicht’ genoemd. Daarbij dagen we kmo’s uit om hun eigen business case te bekijken. Hoe kan duurzaamheid een motor zijn voor innovatie? Hoe kan je een nieuw businessmodel, zoals het circulaire, omarmen? Het is belangrijk om inzicht te creëren, ook door te praten met je interne en externe stakeholders om zo de eerste stappen richting duurzaam ondernemen te zetten.

Het tweede deel van ons boek, ‘dynamiek’, toont hoe je waarde creëert voor de maatschappij, voor je medewerkers, in lijn met je product of dienst… Waarmee moet je nú rekening houden om in 2030 – 2050 echt een waardegedreven organisatie te zijn?”

Net als Jocelijn Geurts is Mathias Fahy van mening dat wat de concurrent doet of de klant vraagt de beste trigger is om duurzaam ondernemen binnen te brengen in de organisatie. Zij hebben een sterke stem in elke bestuurskamer. “Daarnaast zijn ook andere stakeholders, zoals de aandeelhouder, belangrijk”, stelt Fahy.

Laagdrempelig starten

Philip Marynissen: “De inspiratie kan ook komen van voorbeelden zoals je die op https://vlaanderen-circulair.be/nl/doeners-in-vlaanderen vindt. Deze website geeft een overzicht van start-ups en bedrijven die al met circulariteit aan de slag gaan, gesorteerd per sector of per circulaire strategie.”

Katrijn Vekens: “Bij aanbestedingen stellen wij vast dat naast prijs, kwaliteit en look ook het luik duurzaamheid steeds meer aan bod komt. Je wordt als bedrijf verplicht om daar meer over te gaan nadenken.”

Stijn Smetsers: “Veel mensen zijn verrast dat duurzaamheid en winst hand in hand kunnen gaan. Door een betere sortering aan de bron, door meer te recycleren, minder te verbranden en door beter te focussen op welk materiaal je in je organisatie binnenneemt en wat niet, ga je op lange termijn juist kosten besparen.”

“Duurzaam ondernemen moet je eerder zien als een investering dan als een kost”, vult Mathias Fahy aan. “Ik zie dat ook als een drempel om te overwinnen. Voor een echt circulair businessmodel heb je veel partners nodig. Zeker kleinere organisaties adviseren wij daarom om laagdrempelig te starten en bijvoorbeeld een leverancier uit te dagen om de juiste kwantiteiten en kwaliteiten aan gerecycleerd materiaal te leveren. Als eerste stap is circulariteit die je kan realiseren samen met een leverancier of klant heel relevant.”

Stany Vaes: “Heel wat kmo’s zien af van circulair ondernemen omdat ze denken dat ze meteen een volledig gesloten kringloop moeten realiseren. Je kan beginnen met kleine stappen, zoals focussen op gerecycleerde materialen.Onze ledenlijst telt tal van ondernemingen die daarmee bezig zijn. Gerecycleerde materialen gebruiken waar het kan, is ook evolueren naar circulaire economie. Liever dat dan niets doen.”

Een andere kleine stap wordt aangedragen door Mathias Fahy: “Onderhouds- en servicecontracten gebruiken is een circulaire strategie die al jaar en dag bestaat en (nog te weinig) wordt toegepast. Door hier slim mee om te gaan verleng je de levensduur van je materiaal. Dat is enorm relevant.”

Philip Marynissen vestigt de aandacht op ondersteuning, ook financieel: “Het aanbod is nog nooit zo groot geweest: overheid, consultants, adviesverleners… De adviezen zijn vaak zelfs gratis. Bij VLAIO bijvoorbeeld gaat 120 miljoen euro naar circulaire economie. Niet alles van deze subsidiepot is al opgebruikt.”

In dit verband stelt Jocelijn Geurts dat de drempel om op zoek te gaan naar subsidies vooral bij kleine bedrijven heel hoog is: “Ze hebben het gevoel dat ze veel tijd moeten investeren, tijd die ze niet hebben.”  

Een terecht aandachtspunt volgens Philip Marynissen, die suggereert om dan beroep te doen op een externe subsidioloog: “Ook VLAIO heeft een bataljon sterke bedrijfsadviseurs die klaarstaan met hulp bij indiening van subsidiedossiers.”

De basisgedachte van circulair denker Thomas Rau is dat we alles wat we maken, ook weer uit elkaar moeten kunnen halen, teruggeven aan de aarde of hergebruiken. Zien jullie daar voorbeelden van ?

Jan Beyne: “Het eerste principe is dat je al in de ontwerpfase van je product afval en vervuiling elimineert. We hebben in ons boek een checklist opgenomen om aan de slag te gaan met circulair ontwerpen. Het tweede principe is om producten en materialen zo lang mogelijk in gebruik te hebben. Het derde principe gaat over het genereren van ecosystemen. Een voorbeeld zijn de composteerbare luiers van ‘Dycle’. Wegwerpluiers bij gezinnen met baby’s en jonge kinderen zijn goed voor 10% van het huishoudelijk afval. Veel voorbeelden vind je ook in het boek ‘Regeneration’ van Paul Hawken.”

Het zijn principes die Kinnarps ter harte neemt. Katrijn Vekens: “Kantoormeubilair mag nog zo circulair zijn, als je na vijf jaar alles opnieuw moet vervangen, is dat niet duurzaam. De onderdelen van ons meubilair moeten zo lang mogelijk vervangbaar zijn, zonder dat er een grote ingreep of een terugzending naar de fabriek nodig is.”

Sam Ponette: “Het is belangrijk om in je productieproces zoveel mogelijk gerecycleerd materiaal te gebruiken, maar je moet er eerst voor zorgen dat je zo weinig mogelijk verlies hebt in je proces. Het heeft weinig zin als je niet begint met het optimaliseren van je productieproces door te zien waar de ‘lekken’ zitten. Een recent en relevant voorbeeld is 3M met de PFOS- en de PFAS-problematiek. Als je je proces niet onder controle hebt, zijn er lekken en die kosten geld. Om afval af te voeren, moet je betalen.”

“Het beste afval is het afval dat niet geproduceerd wordt. Blijf je wel met afval zitten, dan kan dit voor iemand anders een grondstof worden”

Stany Vaes: “Het beste afval is het afval dat niet geproduceerd wordt. Blijf je wel met afval zitten, dan kan dit voor een ander een grondstof worden. Dat soort gesprekken voeren bedrijven meer en meer en zo worden symbioses in gang gezet. Er zijn meer en meer materiaalcoaches aanwezig in onze bedrijven om zulke samenwerkingen op het getouw te zetten. Ook adviesverleners van de overheid kunnen helpen.”

Lees het volledige artikel in KMOinsider

banner zijkant Ilse Jaques 400x30.png

Stel een vraag
aan een specialist

Heeft u vragen? Wij helpen u graag verder.

Ook interessant

Interessante bedrijven

Bekijk de socials